Tijd voor mediatraining voor gemeente Sluis?

Tijd voor mediatraining voor gemeente Sluis?

Mocht de wethouder van de gemeente Sluis, verantwoordelijk voor het parkeerbeleid, ooit een mediatraining hebben gehad, dan heeft ze vast niet goed opgelet. Want mediatraining bij crisissituaties is vaak niks meer dan een training in het omgaan met lastige mensen. Toen ik onlangs een akkefietje met haar had, startte ze haar verhaal aanvankelijk volgens het boekje door haar excuses aan te bieden. Maar gaande het gesprek slaagde ze er in om haar communicatie ‘vakkundig’ te laten ontsporen door op de man beginnen te spelen in plaats van op de bal.
Winkelhart Breskens in de gemeente Sluis
Eigenlijk kun je de technieken van mediatraining in principe overal toepassen. Zelfs thuis…, zeg ik als mediatrainer vaak met een knipoog aan de deelnemers. Als je fout zit, geef dit dan ogenblikkelijk toe door je excuses aan te bieden. Vertel vervolgens wat je eraan gaat doen om de zaak te herstellen en doe dat dan ook door de daad bij het woord te voegen. Of zoals ze in Rotterdam zeggen: geen woorden, maar daden. Maar het navolgende incident, speelde zich dan ook niet niet in Rotterdam af, maar in de rurale gemeente Sluis in Zeeuws-Vlaanderen…

Voorkom een boete, haal binnen een parkeerkaart

Aanleiding was een parkeerboete die ik een kleine drie maanden geleden opliep toen ik mijn auto bij het winkelcentrum in de Sluise deelgemeente Breskens had geparkeerd. Op die plek is een parkeerschijf verplicht. Ik kon die zo gauw niet vinden. Maar voor de ingang van het winkelcentrum stond een bord met de volgende tekst:
Beste klant, hebt u geen parkeerschijf? Geen nood, u kunt deze gratis afhalen in 1 van onze winkels. 
Ik ging dus naar binnen om voor zo’n schijf. Alles bij elkaar zal deze exercitie nog geen 3 minuten in beslag hebben genomen: 30 secondes heen, ca. 120 secondes voor één wachtende voor mij aan de kassa, 30 secondes terug, maar toch was een parkeerwachter erin geslaagd om binnen die drie minuten een bon uit te schrijven. Hoe had hij dat zo snel geflikt? Ik ging naar hem op zoek en vond hem. Maar de man had duidelijk geen zin in een gesprek.
Geen parkeerschijf? Dus een boete in Breskens in de gemeente Sluis

Officieel parkeerbeleid

Aangezien me de zaak niet lekker zat, besloot ik de bevoegde wethouder voor parkeerzaken van de gemeente Sluis te bellen. Ik startte het telefoongesprek met de simpele vraag of deze gang van zaken officieel parkeerbeleid was van de gemeente Sluis? Zonder omhaal antwoordde ze luid en duidelijk: “Nee, natuurlijk niet”. Vervolgens bood ze me allervriendelijkst aan of ik het bonnetje via de smartphone naar haar wilde opsturen. Wel nog graag vandaag, voegde ze eraan toe, want morgen zou ze met vakantie gaan en ze zou ook de parkeerwachter nog willen horen. Daarna zou ze zeker nog terug bellen.

De verkeersambtenaar van gemeente Sluis wist van niets

Bijna twee-en-eenhalve maand gingen voorbij toen er plotsklaps een betalingsuitnodiging in verband met die parkeerovertreding bij mij in de bus viel. Verbaasd nam ik contact op met de gemeente Sluis, maar dit keer kwam ik niet verder dan de secretaresse. Ik deed mijn verhaal en ze beloofde dat ze de wethouder zou laten terugbellen. Maar enkele dagen later geen belletje, wel een mail van een verkeersambtenaar die me meldde dat hij rondvraag had gedaan maar dat niemand van mijn geval op de hoogte was.
Vreemd… Wat was er misgegaan, vroeg ik me af. Vermoedelijk had de wethouder in haar drukte net voor de vakantie geen actie meer ondernomen. Misschien was het er gewoon bij ingeschoten, wat natuurlijk menselijk is. Maar dat ontsloeg haar mijns inziens niet van haar eerdere toezegging. Ik mailde terug dat ik toch echt een nieuw telefoongesprek met de wethouder wilde en ja, enkele dagen later belde ze me terug.

Eigenlijk is het niet onze bevoegdheid…

Aanvankelijk stond ze mij weer keurig te woord. Ze verontschuldigde zich uitgebreid, maar toen ik haar vroeg wat voor een oplossing ze ging voorstellen, adviseerde ze mij om bij de officier van Justitie beroep aan te tekenen. “Dat is wel een beetje erg gemakkelijk”, legde ik haar uit. “Zo legt u het probleem bij mij neer in plaats van het op te lossen”, protesteerde ik. “Als het u met uw excuses menens is dan verwacht ik toch echt van u de nodige actie”.
Maar om enige actie te nemen, daar had mevrouw de wethouder dus duidelijk geen zin in. “Kon ook niet”, zei ze, “want het intrekken van een boete is eigenlijk geen zaak van de gemeente”. Tja, waarom had ze me dat geen twee-en-een-halve maand eerder gezegd? Los daarvan kon ze toch ook zelf een briefje aan de officier schrijven met tekst en uitleg over de gang van zaken?

Een irritant en geagiteerd personnage

Door mijn aandringen voelde ik dat de wethouder mij uitermate irritant begon te vinden. Dit met als gevolg dat ze niet alleen boos, maar ook persoonlijk begon te worden. Ze was op mijn website geweest waar ze had gelezen dat ik ‘zogezegd’ toppolitici trainde, zei ze cynisch. Ook gaf ze aan mij te kennen van een eerdere debatbijeenkomst en toen had ze mij ook al als een irritant en een geagiteerd personnage ervaren.
Nadat ik had aangegeven dat ik het jammer vond dat mevrouw de wethouder het nodig achtte om persoonlijk te worden, heb ik het gesprek maar beëindigd.

Speel op de bal, niet op de man…

Wat is nu de moraal van dit verhaal? Eigenlijk begint het al bij de eerste les in crisiscommunicatie. Als je fout zit of als je iets vergeet, dan is het niet voldoende om je excuses aan te bieden. Doe ook al het mogelijke om je fout te herstellen en laat de consequenties niet bij de benadeelde partij.
Spreek ook nooit voor je beurt. Zo gaf de wethouder tijdens ons eerste contact al meteen toe dat het inderdaad geen beleid is om mensen te beboeten die verklaren een parkeerkaart op te halen. Verstandiger was geweest als de wethouder gezegd had: “ik hoor uw bezwaar. Ik ga dit onderzoeken door ook de parkeerwachter te horen en ik kom bij u terug met een reactie. Door voorbarig te reageren zoals ze nu gedaan had, creëerde ze namelijk al een verwachting.
Tot slot: speel altijd op de bal, nooit op de man. Word dus nooit persoonlijk, ook al ervaar je je gesprekspartner als irritant. Ga in ieder geval geen mensen beledigen als het gesprek niet de kant opgaat die je zou willen.
Misschien is het daarom voor deze wethouder hoog tijd voor een goede mediatraining…
PS: Tot tweemaal toe heb ik met de nodige tekst en uitleg bij de officier van justitie bezwaar aangetekend. Ondanks de uitgebreide moeite die ik nam om hem de zaak uit te leggen, kreeg ik tot twee keer toe een standaard antwoord waarin hij aangaf mijn verweer niet als gegrond te verklaren, met als onderbouwing een soort standaard argumentatie die volkomen naast de kwestie was. Ik maakte hieruit op dat hij mijn verweer niet gelezen had, dan wel niet serieus had gnomen. Uiteindelijk, ruim een jaar na dato,  ben ik voor de kantonrechter verschenen die mij niet alleen in het gelijk stelde, maar op de koop toe de hulpofficier van justitie ook nog een behoorlijke bolwssing gaf voor de wijze waarop hij zich er vanaf had proberen te maken.  
Over de auteur
Evert van Wijk geeft al bijna 30 jaar mediatrainingdebattraining en presentatietechniek aan vooral (top)lui van het bedrijfsleven en de politiek in Nederland en België. Hij blogt regelmatig over communicatietrends, mediatraining en dingen die hem opvallen in de media. 

Journalistieke inteelt doorbreken door redacties te laten rouleren

Hoofdredacteuren van krant, radio en tv zouden hun journalisten iedere vier jaar moeten laten rouleren op hun redacties. Laat bijvoorbeeld politieke journalisten na vier jaar verkassen naar de economieredactie. Het zal niet alleen hun horizon verbreden, maar misschien ook hun berichtgeving meer pluriform maken. Ook zal hierdoor het aantal extreem linkse en en extreem rechtse journalisten ongetwijfeld verminderen, omdat ze een bredere en genuanceerdere kijk op de wereld krijgen. De waarheid kent immers vele tinten en is zelden zwart/wit..
Objectiviteit bestaat niet. Wel moeten journalisten daar naar streven, leerde ik vroeger tijdens mijn opleiding Communicatie en journalistiek. Het begint al met de selectie van nieuws. Ben je als journalist anti-Trump dan zul je geneigd zijn om zijn blunders uit te vergroten. Ben je pro-Trump dan ben je eerder geneigd om die met de mantel der liefde toe te dekken. Het probleem is dat het leeuwendeel van de journalisten links is waardoor linkse meningen niet alleen op de opiniepagina doorklinken, maar ook op de redactionele pagina’s van de krant.

Feiten zijn heilig, opinies zijn vrij

Dit fenomeen van de overheersende linkse opinies zien we niet alleen bij media als The New York Times, maar ook in de Europese media terug. Het vroegere adagium van The Guardian Facts are sacred, comments are free, schijnen veel media vergeten te hebben. Nederland is op dit terrein zeker geen uitzondering. Maar dat is niet het enige probleem. Er is steeds meer sprake van vedettenjournalistiek. Je zet ’s-avonds de televisie aan en je ziet deze vedetten-journalisten voorbij schuiven bij programma’s als Jinek en de DWDD. Ze zitten daar omdat ze deel uitmaken van hetzelfde old boys network (nvda: lees vriendenkringetje). En als ze het helemaal handig aanpakken krijgen ze ook nog een eigen nieuwsshow waar ze elkaar de bal weer opnieuw toespelen. Een ons-kent-ons-sfeertje van ik krab jouw rug en jij de mijne. Het resultaat is dat je in nieuwsshow-achtige programma’s altijd dezelfde mensen ziet figureren.
Ben je niet links, of heb je geen politiek correcte mening, dan kom je niet aan de bak. Ben je rechts dan doe je beter ook maar links, anders word je de volgende keer niet meer gevraagd. Mensen als Arnold Karskens hebben dit bij de NPO ook al mogen ervaren.

Journalistieke inteelt

Hetzelfde geldt voor de politici-vriendjes van menig journalist. Jesse Klaver is intussen dankzij zijn linkse journalistenfans de favoriete mediagast. Maar hoe lang is het geleden dat Thierry Baudet bij de NPO mocht aanschuiven? Door die journalistieke inteelt heeft echt nieuws steeds minder vlees op het bod.
Dat ons-kent-ons-sfeertje is niet alleen bij de audiovisuele media zichtbaar. Ook de (kwaliteits)kranten bezondigen zich eraan. Zo was ik een tijdje terug hogelijk verbaasd toen ik een omvangrijke politiek correcte voorpublicatie las van een nieuw werkje van Tom Lanoye in de NRC. Er was geen enkele aanleiding toe, behalve dan om Lanoyes business te promoten. Zou hem dat ook gelukt zijn als hij niet tot het old boys network van NRC’s-hoofdredacteur Peter Vandermeersch zou hebben behoord? Ik vermoed van niet. Dat zoiets ten koste gaat van de kwaliteit van de berichtgeving hoeft denk ik geen verdere uitleg.

Correspondent in Kuttehove

Zeker in de politieke verslaggeving is dat ons-kent-ons-sfeertje soms erg klef. Zelfs politiek-journalisten die al jaren met pensioen zijn, zoals Ferry Mingelen en Wouke van Scherrenburg  worden regelmatig afgestoft om bij hun voormalige collega-vriendjes aan te schuiven en hun visie te geven. En dit is echt geen liefdewerk oudpapier, zoals we weten sinds Hero Brinkman Peter R. de Vries ontmaskerde als betaalde tafelgast bij Pauw. Eigenlijk de wereld op zijn kop om betaald te krijgen terwijl je op de nationale tv voor je eigen winkel reclame mag maken. Zeker als je beseft dat bedrijven die geen journalistenvriendjes hebben bij Harry Mens juist heel veel geld moet betalen als ze in zijn programma Business Class willen aanschuiven…
Journalisten die te lang op dezelfde plek zitten, weten al te goed hoeveel macht ze hebben en hoe ze die moeten (mis)bruiken. Ze schrijven bijvoorbeeld een boek over hun ervaringen als correspondent in het Afrikaanse Timboektoe of in het Belgische Kuttehove en ze zorgen er voor dat ze ’s-avonds bij Jinek of Pauw zitten. De volgende dag zijn ze te gast in allerlei radio-shows en de rest van de week berichten de kranten erover. Zo werkt dat spel en zo spelen ze elkaar voortdurend de bal toe.
Daarom mijn pleidooi voor meer roulatie op redacties. Het wordt naar mijn overtuiging hoog tijd dat redacties van krant, radio en tv er een gewoonte van gaan maken om iedere vier jaar de journalisten op hun redacties te laten rouleren. Het zal niet alleen hun horizon verbreden, het zal misschien ook extra verdieping geven aan de media waarvoor ze werken. En door die bredere kijk zal misschien ook het aantal linkse en rechtse journalisten wat meer met elkaar in balans zijn wat de pluriformiteit van de berichtgeving alleen maar ten goede zal komen…
Over de auteur
Evert van Wijk geeft al bijna 30 jaar mediatraining, debattraining en presentatietechniek aan vooral (top)lui van het bedrijfsleven en de politiek in Nederland en België. Hij blogt regelmatig over communicatietrends, mediatraining en dingen die hem opvallen in de media. 

Thierry Baudet laat zich niet framen door de Vlaamse televisie.

Dat Thierry Baudet, de rechtse nieuwbakken Nederlandse parlementariër van Forum voor Democratie,  zich ook door de VRT niet zo gemakkelijk laat framen, was toch even een verrassing voor Bart Schols, de anchorman van de Vlaamse talkshow De Afspraak. Hij schrok zich een hoedje toen Thierry Baudet hem meteen lik op stuk gaf toen de tv-presentator hem probeerde weg te zetten als vrouwonvriendelijk.

Ook Vlaamse journalisten hebben het vaak moeilijk met de Nederlandse assertiviteit

Die Nederlandse assertiviteit, daar blijken ook Vlaamse journalisten het moeilijk mee te hebben, zoals u in dit filmpje hieronder kunt zien.

Thierry Baudet  liet het duidelijk niet over zijn kant gaan om al vanaf de introductie te worden weggezet als de vrouwonvriendelijke boeman. Het is alweer zo’n twaalf jaar geleden dat ik iets soortgelijks heb gezien toen de journalist Joël De Ceulaer de politicus Filip Dewinter als een idioot probeerde te framen in het zondagse debatprogramma de 7e dag. Ook toen kwam die boemerang ongenaakbaar hard terug bij meneer De Ceulaer. Immers: debatteren doe je op inhoud en niet door iemand persoonlijk te beledigen en te schofferen. Zels als die persoon Filip Dewinter heet…

Zie hieronder het filmpje met Dewinter en De Ceulaer

Heeft Filip Dewinter zich door Pim Fortuyn laten inspireren?

Eigenlijk is het in Nederland sinds Pim Fortuyn redelijk een usance dat politici het niet meer pikken als ze door een reporter geframed worden. En ik vermoed dat Filip Dewinter zich destijds ook door Fortuyn heeft laten inspireren toen hij Joël De Ceulaer alle kanten van de 7dag-studio heeft laten zien.</div

Maar toch… in het algemeen gesproken zijn in Vlaanderen de politici nog redelijk braaf. Meestal laten ze zich zonder mokken allerlei dingen in de mond leggen die ze niet eens gezegd hebben. Een Liesbeth-Imbootje, noem ik dat tijdens mediatraining. Toen zij, Liesbeth Imbo, dus,  nog ankervrouw was bij Terzake en het radioprogramma De Ochtend, had ze er een handje naar om op het eind van een gesprek haar gasten verkeerd of onvolledig samen te vatten. Hierdoor liet ze bij de kijker de indruk na dat hij of zij iets totaal anders had gezegd. En als je dit dan als studiogast braafjes over je kant laat gaan, dan denkt de kijker/luisteraar dat je daar dan ook mee instemt…

De grens tussen assertief en agressief is ook cultureel bepaald

Ook Nederlandse journalisten proberen wel eens zo’n Liesbeth-Imbootje bij hun radio- of tv-gasten. Maar zeker goed gemediatrainde politici zullen dat niet zomaar over hun kant laten gaan. Alvorens ze worden weggedraaid zullen ze nog snel iets roepen in de trant van ‘dan heeft u toch niet goed geluisterd’ of zoiets. In die zin vind je ook de cultuurverschillen tussen België (Vlaanderen) en Nederland in de praatprogramma’s op radio en tv terug.

Nederlanders zijn assertiever en laten zich minder snel ongewenste uitspraken in de mond leggen. Anderzijds ervaren Vlamingen het als onbeleefd om tegen je gastheer of -vrouw bezwaar te maken. Ze zien dat als een confrontatie en die gaan ze omwille van de pais en vree liever uit de weg… Wat in Nederland assertief is, is in Vlaanderen agressief. In die zin kun je gerust zeggen dat de grens tussen assertiviteit en agressiviteit ook cultureel bepaald is…

In de strijd om de kijkcijfers is alles geoorloofd

In de strijd om de kijkcijfers is alles geoorloofd

In de strijd om de kijkcijfers is alles geoorloofd. Dit leidt soms tot groteske toestanden waarin bekende Nederlanders of Vlamingen die van toeten noch blazen weten, worden opgevoerd om hun mening te geven over iets waar ze net zoveel verstand van hebben als een pas geboren baby. Dat is jammer. Want als je bekend bent, maar niet gehinderd wordt door enige kennis dan komt het echt niet altijd goed.

BN-er Jan Mulder en BV-erTom Lanoye zijn vaak studiogasten vanwege hun bekendheid maar niet vanwege hun expertise

Tijdens mediatraining zeg ik voortdurend dat je niet alleen op inhoud maar vooral in een relatie communiceert. Maar dat betekent nog niet dat je op een mediagenieke wijze zomaar onzin kunt bezigen. Misschien dat je dan ook het nieuws haalt, maar niet op de manier waarop je gehoopt had… Dit laatste zouden programmamakers van het Nederlandse programma DWDD of het Vlaamse programma  De Afspraak ( Canvas) zich ook eens ter harte moeten nemen. Want te pas en te onpas worden daarin Bekende Nederlanders (BN-ers) en Bekende Vlamingen (BV-ers) opgevoerd. Niet omdat ze verstand hebben van een bepaald onderwerp, maar wel om de lolbroek te komen uithangen. Veel kijkers zitten daar niet op te wachten.

Vaak heb ik me afgevraagd waarom veel programmamakers hiermee doorgaan? Is het een gebrek aan creativiteit om niet van de gebaande wegen af te durven wijken? Is het pure voorzichtigheid, dus liever op zeker spelen? Want een bekende lolbroek is voor de kijkcijfers meestal wel een schot in de roos. Of is het een wereldje van ons-kent-ons waar men elkaar zoveel mogelijk de bal probeert toe te spelen? Want laten we eerlijk zijn: BN-er of BV-er zijn is big business!

Dankzij mediatraining kunnen echte specialisten het beter uitleggen

Hoe het ook zij: als het gaat om de kijkcijfers is alles geoorloofd. Dit geldt niet alleen voor de commerciële zenders maar ook voor de staatszenders. Gaat het bijvoorbeeld over de wereldpolitiek of over de vermogenswinstbelasting dan zou je verwachten dat er echte experts aan tafel aanschuiven. Maar de werkelijkheid is anders. Zo blijkt dat Jan Mulder al meer dan 250 keer heeft mogen aanschuiven bij DWDD. Niks te na over zijn voetbalexpertise, maar als hij daar dan ook nog de Amerika-deskundige moet gaat uithangen of zoiets, dan vind ik dat op zijn minst toch bedenkelijk. Ook heb ik hem al in de rol van asielbeleidspecialist gezien en zelfs al als macro-econoom. Natuurlijk kunnen BN-ers en BV-ers het in de regel wel uitleggen.Maar het moet natuurlijk wel geloofwaardig blijven. Er lopen echt wel voldoende echte specialisten rond die het uitstekend kunnen uitleggen. Temeer daar veel bedrijven en instellingen de laatste jaren bewust veel geld in mediatraining hebben geïnvesteerd om hun beleidsmensen en specialisten in staat te stellen om moeilijke onderwerpen op een toegankelijke manier voor het voetlicht te brengen.

Tom Lanoye als vermogensaanwasspecialist

De Afspraak is een talkshow van de VRT

Ook de Vlaamse televisie is Bekende-Vlaming-verslaafd. Net als in Nederland lijdt men daar aan dezelfde bloedarmoede om hoofdzakelijk bekende Vlamingen uit te nodigen? Zo mag Tom Lanoye met een zekere regelmaat komen uitleggen waarom bepaalde politieke partijen niet deugen, of nog erger, zijn mening ventileren over de vermogensaanwasbelasting, zoals ik laatst in het tv-programma De Afspraak zag. Nu zal Tom Lanoye ongetwijfeld veel verstand hebben van boeken schrijven, maar schoenmaker blijf bij je leest zou ik zeggen. Zeker als hij niet gehinderd door kennis grote onzin uitkraamt en om zijn onkunde te camoufleren de draak gaat steken met een andere studiogast die wellicht vanwege haar politieke kleur hem onwelgevallig was.  Spectaculaire tv, ja dat wel. Maar zo wordt informatie infotainment en daar zitten veel kijkers niet op te wachten. Zeker als ze naar meerwaarde op zoek zijn.

Evert van Wijk geeft mediatraining aan het bedrijfsleven en de politieke wereld. Voor meer informatie: www.mediatrainingbenelux.nl of www.mediatraining.be 

Mediatraining of niet: waarom Willem-Alexander goed scoorde

Mediatraining of niet: waarom Willem-Alexander goed scoorde

Sommige mensen hebben altijd wat te kankeren. Volgens sommige mediatrainers en communicatiespecialisten heeft koning Willem-Alexander een goede mediatraining gehad, maar toch had zijn mediaoptreden tijdens het interview met Wilfried de Jong naar aanleiding van zijn vijftigste verjaardag beter gekund. Als mediatrainer met bijna dertig jaar op de teller, vind ik dit de reinste onzin. Zowel op de inhoud als in de relatie scoorde de koning naar mijn stellige mening uitstekend.
Mediatraining of niet; Willem_Alexander gaf een steengoed interview

Mechanische media-analyse

The King heeft zichzelf overtroffen. Ik heb het dan niet over pop-icoon Elvis Presley, die met deze ‘nickname’ door het leven ging, maar over onze eigen koning Willem Alexander. Toch moest ik een diepe zucht slaken toen ik deze toch wel erg mechanische media-analyse van het optreden van de koning op de website van Communicatie-online las.

Mediatraining is ook sterke punten uitvergroten

Ik geef, zoals gezegd, al dertig jaar mediatraining, presentatie- en debattechniek aan het bedrijfsleven, de politiek en overheid. Als ik een ding geleerd heb dan is het wel dat je bij mediatraining altijd moet vertrekken vanuit de sterke kanten en karaktereigenschappen die iedere persoon nu eenmaal heeft. Is iemand gedreven, spontaan en spreekt hij daardoor wat gehaast, probeer hem dan geen overdreven rustige stijl aan te leren. Misschien zal hij dat even volhouden, maar snel zal hij weer in zijn eigen patroon vervallen.

Maak met mediatraining geen eenheidsworst van je deelnemer

Daarom moet je als trainer mensen nooit in een presentatiekeurslijf proberen te dwingen, zoals het in de boekjes beschreven staat.  Veel trainers doen dat helaas wel Ze kneden hun deelnemers hierdoor naar de eenheidsworst van een bepaald sjabloon. Zo werkt het eenvoudigweg niet.
Maar eerst nog even terug naar het interview met de koning. Ook mij was het opgevallen dat op het moment dat Wilfried de Jong doorvroeg Willem-Alexander toch een beetje ongemakkelijk werd. Toen de vorst aan de druk van de vraag probeerde te ontsnappen door te zeggen dat hij niet graag over zichzelf sprak, zag je ook in de bodylanguage die ongemakkelijkheid duidelijk bij de koning terug. Maar is dat erg? Ik vind dat absoluut niet! Sterker nog: dat is ‘only natural’.Het is als de pukkel in het gezicht van Marlene Monroe. Op het eerste gezicht hoorde die moedervlek daar niet, maar uiteindelijk maakte die oneffenheid, haar juist mooi.De pukkel in het gezicht van Marylin Monroe maakte haar juist sexie

Maak van je klanten geen grijze muizen

Daarom heb ik de volgende boodschap aan al die mensen die zich met mediatraining, presentatietraining of welke andere communicatietrainingen bezig houden. Als je mensen beter leert presenteren en je bent goed in je vak, volg dan vooral je eigen ‘gut feeling’. Kijk niet of hij/zij zijn stem of inhoudelijk zijn verhaal helemaal volgens het boekje opbouwt. Want voor je het weet, maak je op die manier van je klanten grijze muizen, ofwel een soort voorgekauwde eenheidsworst.
Nee, de uitdaging is om je klanten zo geloofwaardig, betrokken en dus vooral authentiek te laten overkomen. Wat het interview met Willem-Alexander zo goed maakte was juist dat dit precies het geval was. Hij speelde geen toneel! Hij was echt. Uiteindelijk gaat het om authenticiteit!
Wilt u meer blogs lezen over mediatraining en hoe je goed overkomt in de media, abonneer u dan op onze blogposts 

Verliezen mainstream media hun geloofwaardigheid en graven ze eigen graf?

Mainstream media verliezen geloofwaardigheid

Hoe zit het met u als u de krant leest of naar Pauw & Jinek (zie foto uit AD), DWDD of naar het Vlaamse Terzake kijkt?
Wilt u dan zo objectief mogelijke informatie? Of wilt u een mening opgedrongen krijgen? Steeds meer krijg ik het gevoel dat het laatste het geval is. Als de mainstream media niet snel weer gewoon zo objectief mogelijke journalistiek gaan bedrijven, graven ze hun eigen graf.

Het zit de journalisten van de mainstream media niet mee.

Als Geert Wilders of Donald Trump iets in de media willen brengen, sturen ze een tweet of plaatsen zij een bericht of videoblog op hun Facebookpagina en hoppa het is nieuws. Intussen hebben de journalisten van de mainstream media het nakijken en dat wringt. Hun (machts)rol als gatekeeper zijn ze kwijt en voor veel journalisten is dat nog behoorlijk wennen. Of sterker nog: veel journalisten kunnen dat gewoonweg (nog) niet verkroppen.

Journalisten maken vaak deel uit van de linkse elite

Het is geen geheim dat de meeste journalisten links zijn. Ze framen rechts vaak als bekrompen, egoïstisch en een gebrek aan veranderingsgezindheid. De linkse elite waar veel linkse journalisten ook deel van denken uit te maken, weet wel wat goed is voor het rechtse klootjesvolk dat alleen maar verstand van voetbal heeft.

Maar wat linkse journalisten en media zich onvoldoende realiseren is dat de gemiddelde nieuwsconsument op een gebalanceerde manier geïnformeerd wenst te worden. Hij zit niet te wachten op het gespin van journalisten die denken dat de kritische nieuwsconsument niet voor zichzelf kan denken. Hij doorziet dat. Als dan op de koop toe Hillary Clinton het moet afleggen tegen de rechtse Trump dan zijn die linkse journalisten helemaal het Noorden kwijt. Gevoed door boosheid, krijgen zij helemaal een rode waas voor de ogen en alles wat uit de rechtse hoek komt wordt verder gemarginaliseerd. Intussen hebben ze niet in de gaten dat ze met hun stokpaardjes hun nieuwsconsumenten nog verder van hun vervreemden.  Zo graven zij hun eigen graf.

Wie gelooft die traditionele mainstream media nog?

Het wordt dus tijd dat de mainstream media die zich serieus nemen dit onder ogen gaan zien.

Doen ze dat niet dan moeten ze straks niet raar opkijken dat de kritische nieuwsconsument straks denkt: wie gelooft die traditionele mainstream media nog? Alleen door te streven naar meer objectiviteit kunnen ze (nog) voorkomen dat hun lezers/kijkers/luisteraars verder afhaken.